Zoeken

De pensioenregeling

 

Welkom bij Stichting Pensioenfonds General Electric Nederland (GE Pensioen). In dit Pensioen 1-2-3 leest u wat u wel en niet krijgt in uw pensioenregeling als u pensioen bij ons opbouwt.

Wat vindt u in laag 1, 2 en 3? 
Pensioen 1-2-3 bestaat uit drie lagen. Hieronder leest u kort de belangrijkste informatie over uw pensioenregeling (laag 1). Wilt u meer weten? Klik dan op het plaatje bij het onderwerp waar u meer over wilt weten (laag 2). Alle informatie uit laag 1 en laag 2 kunt u ook uitprinten of opvragen bij onze Pensioendesk. Belangrijke documenten zoals het pensioenreglement, het jaarverslag en het crisisplan vindt u in laag 3

Wilt u weten hoe wij omgaan met maatschappelijk verantwoord beleggen? Lees dan meer over ons beleggingsbeleid (kijk bij ‘overige fondsdocumenten’).

Wilt u persoonlijke informatie over uw pensioen? 
Pensioen 1-2-3 bevat geen persoonlijke informatie over uw pensioen. Die vindt u wel op uw Uniform Pensioenoverzicht (UPO). Dit UPO sturen wij eenmaal per jaar per post naar u toe, zolang u in dienst bent.

Pensioenvergelijker: vergelijk twee pensioenregelingen
Pensioen 1-2-3 geeft u veel informatie over uw GE-pensioenregeling. Bouwde u ook bij uw vorige werkgever pensioen op? Gebruik dan de Pensioenvergelijker om beide pensioenregelingen met elkaar te vergelijken.
Op die manier helpt de Pensioenvergelijker u bij het maken van een keuze over waardeoverdracht.


 

  • U bouwt bij ons een levenslang ouderdomspensioen op. Dit pensioen krijgt u uitbetaald zodra u 68 jaar wordt of als u eerder of later met pensioen gaat.

    Het pensioen gaat standaard in op de eerste dag van de maand nadat u 68 jaar wordt. De betaling vindt plaats tussen de 18e en de 24e van de maand. Als u overlijdt, stopt het pensioen aan het einde van de maand waarin het overlijden plaatsvindt.

    Eerder of later met pensioen?
    U kunt er ook voor kiezen om eerder (vanaf uw 55e) of later (uiterlijk op uw 70e) met pensioen te gaan.

    Hoeveel pensioen ontvangt u straks?
    Dat is vooral afhankelijk van uw salaris en het aantal jaren dat u pensioen heeft opgebouwd. De hoogte van uw ouderdomspensioen staat op uw Uniform Pensioenoverzicht (UPO). Log in op de website en ga naar 'Mijn post' om uw laatste UPO te bekijken. 

    Kijk ook op www.mijnpensioenoverzicht.nl voor het totale pensioen dat u – ook bij eventuele vorige werkgevers – heeft opgebouwd.

    Uw pensioen is een aanvulling op de AOW, het pensioen dat u van de overheid vanaf uw AOW-leeftijd krijgt. Kijk voor de bedragen en de ingangsdatum op www.svb.nl.

    Meer informatie?
    Op 1 januari 2015 is de pensioenregeling herzien. Lees meer over de huidige regeling en vorige regelingen. Of neem contact op met onze Pensioendesk

     

    Meer informatie
  • Het nabestaandenpensioen voor uw partner en kinderen bestaat uit een partnerpensioen en een wezenpensioen.

    Partnerpensioen

    • Overlijdt u terwijl u nog pensioen bij ons opbouwt? Dan krijgt uw partner een partnerpensioen. Deze uitkering gaat in op de dag na uw overlijden en eindigt als uw partner zelf overlijdt. Het partnerpensioen is 70% van het opgebouwde ouderdomspensioen.
    • Overlijdt u terwijl u geen pensioen meer bij ons opbouwt? Dan is er standaard geen partnerpensioen beschikbaar. Om dit op te vangen, ruilen wij - zodra u uit dienst of met pensioen gaat - een deel van het opgebouwde ouderdomspensioen om in partnerpensioen. 

    Anw-uitkering 

    Wanneer u overlijdt, krijgt uw partner misschien ook een Anw-uitkering van de overheid als hij of zij nog niet de AOW-leeftijd heeft bereikt en:

    • een kind jonger dan 18 jaar heeft, of
    • voor ten minste 45% arbeidsongeschikt is.

    De hoogte van de Anw-uitkering voor uw partner hangt af van zijn of haar inkomen.

      Wat bedoelen we met ‘partner’?

      Met ‘partner’ bedoelen we:

      • degene met wie u bent getrouwd of een geregistreerd partnerschap heeft.
      • degene met wie u ongehuwd samenwoont. Daarvoor geldt bovendien:

        • deze partner is geen familierelatie in de rechte lijn (zoals ouder/kind, grootouder/kleinkind);
        • u heeft een notariële samenlevingsakte waarin uw partner als begunstigde voor het partnerpensioen is aangewezen;
        • u heeft de akte, samen met het uittreksel uit het bevolkingsregister van u en uw partner, naar ons opgestuurd.


        Wel of niet aanmelden?

        • Bent u getrouwd of heeft u een geregistreerd partnerschap? Dan hoeft u uw partner niet bij ons aan te melden om recht te hebben op een partnerpensioen.
        • Woont u ongehuwd samen? Dan moet u uw partner tijdens uw dienstverband wel bij ons aanmelden om recht te hebben op een partnerpensioen.
        • Gaat u scheiden of woont u niet langer ongetrouwd samen? Dan heeft dit gevolgen voor het partnerpensioen.

          Wezenpensioen
          Uw kind of kinderen krijgen tot hun 18e wezenpensioen. Studerende kinderen krijgen dat tot hun 26e. Het wezenpensioen is 14% van het ouderdomspensioen. Als ook uw partner overlijdt of als er geen partner is, wordt het wezenpensioen verdubbeld. Het totale wezenpensioen is maximaal 70% van het ouderdomspensioen. Bij zes kinderen of meer wordt het totale wezenpensioen gelijkmatig over alle kinderen verdeeld. Bij bijvoorbeeld zeven kinderen krijgt ieder kind 1/7e deel van het totale wezenpensioen dat gelijk is aan 70% van het ouderdomspensioen.

          Hoe hoog is het nabestaandenpensioen?
          De hoogte van het pensioen voor uw nabestaanden staat op uw Uniform Pensioenoverzicht (UPO). Dit UPO sturen wij eenmaal per jaar per post naar u toe, zolang u in dienst bent. Kijk ook op www.mijnpensioenoverzicht.nl voor het totale pensioen dat u – ook bij eventuele vorige werkgevers – heeft opgebouwd.

          Meer informatie?
          Heeft u vragen over uw nabestaandenpensioen, neemt u dan contact op met onze Pensioendesk

          Bent u gepensioneerd? 

          Komt u na uw pensioendatum te overlijden? Dan kunnen uw partner en/of kinderen een uitkering van het pensioenfonds krijgen.

          Of dit inderdaad zo is, hangt af van:

          • De voorwaarden die we bij het partnerpensioen en het wezenpensioen stellen.
          • De keuzes die u vlak voor uw pensioendatum heeft gemaakt. Ruilt u bijvoorbeeld pensioen om voor partnerpensioen? Of andersom?

          Wat moeten uw nabestaanden doen?

          Komt u te overlijden? Dan nemen we zelf contact op met uw partner en/of kinderen. Dit kan alleen als we recente gegevens van u hebben.

          Woont u in het buitenland?

          Meld wijzigingen dan altijd bij het pensioenfonds.

          Bent u getrouwd of geregistreerd partner en overlijdt u?

          Dan krijgen uw nabestaanden binnen 3 weken na uw overlijden een formulier. Hiermee vragen ze partner- en/of wezenpensioen aan.

          Woont u samen?

          Dan moet uw partner dit formulier zelf aanvragen.


          Jaaropgave
          Uw nabestaanden krijgen van ons een jaaropgave voor de belastingaangifte.

           

          Meer informatie
        • Als u voor meer dan 35% arbeidsongeschikt wordt, heeft u recht op een WIA-arbeidsongeschiktheidsuitkering van UWV. Krijgt u deze uitkering? En is deze uitkering ingegaan toen u al pensioen bij ons opbouwde? Dan nemen wij de opbouw van uw ouderdomspensioen over. Ook het nabestaandenpensioen blijft verzekerd. U betaalt dan zelf geen premie.

          Uw mate van arbeidsongeschiktheid

          De mate waarin wij uw pensioenopbouw voortzetten is afhankelijk van uw mate van arbeidsongeschiktheid.

          Arbeidsongeschiktheidspercentage volgens de WIA Mate van voortzetting pensioenopbouw
          35% tot 45% 40%
          45% tot 55% 50%
          55% tot 65% 60%
          65% tot 80% 72,5%
          80% tot 100% 100%


          • Wij zetten uw pensioenopbouw voort zolang uw WIA-uitkering duurt, uiterlijk tot aan uw AOW-leeftijd. Daarna krijgt u een AOW-uitkering en ouderdomspensioen.
          • Als uw mate van arbeidsongeschiktheid daalt of stijgt, passen wij het voortzettingsdeel naar verhouding aan.
          • Bent u gedeeltelijk arbeidsongeschikt en blijft u voor het deel dat u nog kunt werken in dienst? Dan bouwt u over dat dienstverband ook pensioen op. Voor dat deel betaalt u wel zelf premie.
          • Gaat u uit dienst? Dan blijft u nog pensioen bij ons opbouwen zolang u een WIA-uitkering heeft. Hoeveel u opbouwt, hangt af van uw mate van arbeidsongeschiktheid.


          Aanvullend arbeidsongeschiktheidspensioen

          Verdient u meer dan € 54.616 bruto per jaar? Dan krijgt u ook een aanvullend arbeidsongeschiktheidspensioen. Dit noemen we het WIA-excedentpensioen. Bent u volledig arbeidsongeschikt, dan krijgt u 70% arbeidsongeschiktheidspensioen over het salaris dat u verdiende boven het bedrag van het maximum dagloon. Bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid geldt een lager percentage, afhankelijk van uw mate van arbeidsongeschiktheid. Het aanvullende pensioen stopt als u voor meer dan 65% arbeidsgeschikt wordt of als u de AOW-leeftijd bereikt.

          Moet u iets doen?

          Wij krijgen automatisch bericht als u arbeidsongeschikt raakt. U hoeft zelf niets door te geven.


          Meer informatie?

          Heeft u vragen over uw arbeidsongeschiktheidspensioen, neemt u dan contact op met onze Pensioendesk

           

          Meer informatie
        • Overlijdt u terwijl u geen pensioen meer bij ons opbouwt? Dan krijgt uw partner geen partnerpensioen.

          Gaat u uit dienst of met pensioen? Dan zetten wij een deel van uw opgebouwde ouderdomspensioen automatisch om in partnerpensioen. Uw ouderdomspensioen wordt daardoor lager. We noemen dit uitruilZo krijgt uw partner toch partnerpensioen als u overlijdt terwijl u geen pensioen meer bij ons opbouwt.

           

          Meer informatie
        • A. AOW
          De AOW is het pensioen dat u krijgt van de overheid. Iedereen die in Nederland woont of werkt, is hiervoor automatisch verzekerd. U krijgt een volledig AOW-pensioen als u in de 50 jaar voor uw AOW-leeftijd altijd verzekerd bent geweest. Heeft u niet altijd in Nederland gewoond of gewerkt? Dan kan uw AOW lager uitvallen.

          De AOW-leeftijd is niet voor iedereen gelijk. De bedragen worden ieder jaar aangepast. Kijk voor de bedragen en ingangsdatum op www.svb.nl.

          B. Pensioen dat u via uw werk opbouwt
          U bouwt bij ons pensioen op met de middelloonregeling vanaf het moment dat u in dienst bent bij General Electric. Uw pensioenopbouw stopt:

          • als u met pensioen gaat;
          • als u uit dienst gaat;
          • als u overlijdt.

          De hoogte van uw pensioen en dat van uw nabestaanden staat op uw Uniform Pensioenoverzicht (UPO). Dit UPO sturen wij eenmaal per jaar per post naar u toe, zolang u in dienst bent. Kijk ook op www.mijnpensioenoverzicht.nl voor het totale pensioen dat u – ook bij eventuele vorige werkgevers – heeft opgebouwd.

          C. Pensioen dat u zelf regelt
          U kunt ook zelf sparen voor extra pensioen. Bijvoorbeeld met een lijfrente of banksparen.  

           

          Meer informatie
        • Met de middelloonregeling bouwt u elk jaar pensioen op over het salaris van dat jaar.

          U ontvangt later een uitkering die is gebaseerd op het gemiddelde salaris dat u verdient in de periode dat u deelneemt aan onze pensioenregeling. Dit heet een uitkeringsovereenkomst.

           

          Meer informatie
        • Ieder jaar dat u werkt, bouwt u een stukje pensioen op. Omdat u vanaf uw AOW-leeftijd een uitkering ontvangt van de overheid, bouwt u niet over uw gehele salaris pensioen op. Anders zou uw pensioen, volgens de Nederlandse belastingdienst, te hoog worden.

          Het deel van uw inkomen waarover geen pensioen wordt opgebouwd, heet de ‘franchise’. Per 1 januari 2019 is de franchise € 13.785. Dit bedrag wordt ieder jaar aangepast. Werkt u in deeltijd? Dan bouwt u ook in verhouding pensioen op. Als u bijvoorbeeld voor 60% werkt, geldt een franchise van 60% van € 13.785 = € 8.271,00.

          Het percentage waarmee u jaarlijks pensioen opbouwt in uw pensioenregeling is 1,875% van de pensioengrondslag. Dat is het pensioengevend salaris min de franchise.

          U bouwt bij ons pensioen op tot een salaris van € 107.593 bruto per jaar. Verdient u meer? Dan kunt u via uw werkgever gebruikmaken van de nettopensioenregeling om extra pensioen te verzekeren.

           

          Meer informatie
        • Uw werkgever betaalt elk kwartaal een premie voor uw pensioen en vraagt aan u een eigen bijdrage.

          De premie die u zelf betaalt, staat op uw loonstrook. 

           

          Meer informatie
        • Wilt u via GE Pensioen vrijwillig beleggen voor (extra) nabestaandenpensioen? Dan kan dat met Gesave.

          Gesave
          Gesave is een premieovereenkomst. Hierbij staat de hoogte van de premie die u betaalt vast, maar niet het pensioenbedrag. Uw premie wordt belegd via Robeco. U kunt kiezen uit beleggen in de Life Cycle en Zelf beleggen. U draagt zelf alle risico’s die beleggen met zich meebrengt.

          Nabestaandenpensioen
          Op uw pensioendatum levert het ingelegde bedrag een pensioenkapitaal op dat afhangt van beleggingsrendementen en de dan geldende inkoopfactoren, min de (administratie)kosten van de vermogensbeheerder. Met dit kapitaal koopt u (een) pensioenuitkering(en) voor uw nabestaanden.

          Het extra nabestaandenpensioen wordt uitgekeerd als u na uw pensioendatum overlijdt. Overlijdt u voor uw pensioendatum? Dan wordt het bedrag omgezet in een aanvulling op het nabestaandenpensioen. Als u vertrekt naar een nieuwe werkgever of wordt ontslagen, wordt uw kapitaal omgezet in pensioenaanspraken bij GE Pensioen.

          Meer informatie?
          Wilt u meedoen met Gesave of heeft u vragen? Lees dan het reglement, bekijk de beleggingsresultaten of neem contact op met Robeco

           

          Meer informatie
        • U bouwt bij ons pensioen op over uw brutosalaris tot €107.593.

          Verdient u meer dan €107.593? Dan bouwt u boven dat bedrag bij ons geen pensioen op. Uw werkgever biedt voor het salaris boven €107.593 een nettopensioenregeling aan die is ondergebracht bij Robeco. Vraag uw werkgever om meer informatie.

           

          Meer informatie
        • Gaat u uit dienst of met pensioen? Dan zetten wij een deel van uw opgebouwde ouderdomspensioen automatisch om in partnerpensioen. Uw ouderdomspensioen wordt daardoor lager. We noemen dit uitruil.

          Zo krijgt uw partner toch partnerpensioen als u overlijdt terwijl u geen pensioen meer bij ons opbouwt. Het partnerpensioen is 70% van het na uitruil resterende ouderdomspensioen.

          U kunt ook afzien van uitruil of voor een ander percentage kiezen: 17,5%, 35% of 52,5% van het na uitruil resterende ouderdomspensioen. Hiervoor kunt u kiezen omdat u bijvoorbeeld geen partner heeft of omdat uw partner zelf voldoende inkomsten heeft. Afzien of voor een ander percentage kiezen kan alleen als u daarvoor schriftelijke toestemming van uw partner heeft. Uw partner heeft dan bij uw overlijden geen recht op een partnerpensioen.

          W
          at betekent dit voor u?
          Wilt u weten wat de gevolgen zijn voor uw financiële situatie? Neem dan contact op met onze Pensioendesk.

           

          Meer informatie
        • De Pensioenvergelijker helpt u bij het maken van een keuze voor waardeoverdracht.

          Meer informatie
        • De pensioenleeftijd bij GE Pensioen is standaard 68 jaar. U kunt er ook voor kiezen om eerder of later met pensioen te gaan. Op z’n vroegst met 55 jaar, op zijn laatst als u 70 jaar wordt.

          Eerder met pensioen

          Als u vóór uw 68e met pensioen gaat, wordt uw levenslang ouderdomspensioen lager. U bouwt namelijk over minder jaren pensioen op, terwijl de pensioenuitkering wel langer moet worden uitgekeerd. Daar staat tegenover dat u eerder stopt met werken. De verlaging van uw levenslange ouderdomspensioen hangt af van het aantal jaren en maanden dat u eerder met pensioen gaat. Als u eerder dan vijf jaar voor uw AOW-leeftijd (gedeeltelijk) met pensioen wilt, kan dat alleen als u een verklaring ondertekent. In die verklaring zegt u dat u niet langer meer werkt en dat u ook niet de intentie heeft om weer te gaan werken.

          Gedeeltelijk met pensioen

          U kunt dus eerder of later met pensioen. Maar er is nog een optie, namelijk het deeltijdpensioen. U gaat voor een deel met pensioen en blijft voor het andere deel werken. Voor het deel dat u blijft werken, blijft u pensioen opbouwen. U kunt er bijvoorbeeld voor kiezen om een dag per week minder te gaan werken. Over de niet gewerkte dagen ontvangt u dan pensioen.

          Dit heeft gevolgen voor de hoogte van uw pensioen. Het pensioen gaat immers voor een deel eerder in. U bouwt ook iets minder pensioen op, omdat u een dag minder werkt. Maar de gevolgen zijn kleiner dan wanneer u volledig eerder met pensioen zou gaan.

          Later met pensioen

          Gaat u later met pensioen? Dan wordt uw levenslang ouderdomspensioen hoger. Uw pensioenuitkering gaat namelijk later in en wordt over een kortere periode uitbetaald. De Belastingdienst stelt grenzen aan de hoogte van het levenslang ouderdomspensioen. We volgen de grenzen van de Belastingdienst en houden de inkomensafhankelijke bijdrage van de zorgverzekeringswet in. Later met pensioen gaan kan alleen na overleg met uw werkgever.
           

          Let op!

          Uw pensioenopbouw stopt na de reglementaire pensioenleeftijd (68 jaar). In de periode dat u langer doorwerkt, bouwt u dus geen pensioen meer op.

          Wat betekent dit voor u?

          Wilt u weten wat de gevolgen zijn voor uw financiële situatie? Neem dan contact op met onze Pensioendesk

          Zelf melden

          • Als u eerder dan op uw 68e met pensioen wilt, moet u dit uiterlijk drie maanden vóór de gewenste datum schriftelijk aan ons melden.
          • Wilt u later dan uw 68e met pensioen, dan moet u dit uiterlijk drie maanden voordat u 68 jaar wordt schriftelijk aan ons melden.



           

          Meer informatie
        • Als u met pensioen gaat, ontvangt u een vast bedrag aan ouderdomspensioen. Maar u kunt er op uw pensioendatum ook voor kiezen om tijdens de eerste jaren van uw pensioen een hoger (of lager) levenslang ouderdomspensioen te ontvangen en daarna (voor de rest van de tijd) een lager (of hoger) pensioen. Er zijn meerdere varianten, die in het pensioenreglement verder worden uitgelegd.
           

          Voorbeeld

          U heeft op 68-jarige leeftijd een levenslang ouderdomspensioen opgebouwd van € 10.000 per jaar. U kiest ervoor de eerste vijf jaar een hoger bedrag te ontvangen en daarna een lager bedrag. Tussen uw 68e en 73e jaar krijgt u 120,9% van € 10.000, oftewel € 12.090 per jaar. Vanaf uw 73e krijgt u 90,7% van € 10.000 oftewel € 9.070 per jaar. De lage uitkering is hierbij 75% van de hoge uitkering.

          Wat betekent dit voor u?

          Wilt u weten wat de gevolgen zijn voor uw financiële situatie? Neem dan contact op met onze Pensioendesk.

           

          Meer informatie
        • Als u ergens anders al pensioen heeft opgebouwd, kunt u dat meenemen naar ons. Dat heet waardeoverdracht. 

          Is uw opgebouwd pensioen hoger dan € 484,09 per jaar (2019) dan beslist u zelf of u uw pensioen meeneemt. Dit kan bijvoorbeeld gunstig zijn als uw nieuwe werkgever een betere pensioenregeling heeft. Of misschien wilt u alle pensioenen bij één uitvoerder hebben. Laat uw nieuwe pensioenuitvoerder dan weten dat u uw pensioen wilt meenemen. Het meenemen van uw pensioen regelt u bij uw nieuwe pensioenuitvoerder. Wilt u uw pensioen niet meenemen? Dan blijft uw pensioen bij GE Pensioen staan.

          Is uw opgebouwd pensioen minder dan € 484,09 per jaar (2019) en hoger dan € 2 per jaar? Dan zorgt GE Pensioen er automatisch voor dat uw pensioen meegaat naar uw nieuwe pensioenuitvoerder. GE Pensioen checkt daarom jaarlijks bij www.mijnpensioenoverzicht.nl of u pensioen opbouwt bij een nieuwe pensioenuitvoerder. Als u geen nieuwe pensioenuitvoerder heeft, dan blijft uw pensioen bij GE Pensioen.

          Stopte uw pensioenopbouw na 1 januari 2019 en is uw opgebouwd pensioen € 2 of lager per jaar, dan krijgt u dat pensioen niet. Uw pensioen vervalt aan het pensioenfonds. Dit is wettelijk geregeld.

          Zelf aanvragen

          U kunt bij ons vrijblijvend een offerte voor waardeoverdracht aanvragen. Gebruik hiervoor het formulier Aanvraag waardeoverdracht. Pas als u akkoord gaat met onze offerte, zetten wij de waardeoverdracht in gang. Houdt u er wel rekening mee dat het totale traject soms langer dan een jaar kan duren.

          Nieuwe baan?

          Krijgt u een nieuwe baan? Dan kunt u uw opgebouwde pensioen meenemen naar uw nieuwe pensioenfonds of -verzekeraar. Dit moet u daar zelf aanvragen. Gaat u uit dienst en draagt u uw pensioen niet over aan een ander pensioenfonds, dan blijft uw pensioen bij ons staan.

          Beleidsdekkingsgraad

          Om een waardeoverdracht te kunnen uitvoeren moeten de beleidsdekkingsgraden van beide pensioenfondsen ten minste 100% zijn

          Is dat niet zo? Dan kunt u wel waardeoverdracht aanvragen, we zetten het alleen nog niet in gang. Uw opgebouwde pensioen blijft in dat geval bij uw oude pensioenfonds tot de beleidsdekkingsgraad goed genoeg is. U krijgt dan uiteraard bericht.

          Meer informatie?

          Heeft u vragen over waardeoverdracht, lees dan de brochure Waardeoverdracht bij indiensttreding. Of neem contact op met onze Pensioendesk

           

          Meer informatie
        • De opbouw en uitbetaling van pensioenen gaan over een heel lange periode. Vaak wel meer dan 80 jaar. In zo’n periode verandert de wereld. Er kunnen daardoor risico’s voor uw pensioen ontstaan. Die risico’s leiden mogelijk tot een tekort. Op die risico’s proberen wij ons zo goed mogelijk voor te bereiden. In het verleden is dat niet altijd goed gegaan, bijvoorbeeld door een snellere stijging van de levensverwachting dan waarmee we rekening hadden gehouden.
           

          Levensverwachting


          Mensen worden gemiddeld steeds ouder. Hoe langer u leeft, hoe langer wij pensioen aan u moeten uitbetalen. Als de gemiddelde leeftijd stijgt, is er dus meer geld voor pensioen nodig, misschien meer dan waar we op hadden gerekend.

          Rente

          Rente beïnvloedt de pensioenen. Hoe lager de rente, hoe meer geld wij 'in kas' moeten hebben om later alle pensioen te kunnen uitbetalen. Een langdurig lage rente maakt pensioen dus ‘duurder’, misschien duurder dan waar we op hadden gerekend.

          Beleggingen

          Wij beleggen de premies van al onze deelnemers. Maar beleggingsresultaten kunnen tegenvallen. Daarom beleggen we op verschillende manieren. Zo kan winst op de ene belegging het verlies op een andere weer goedmaken. Wij kunnen deze beleggingsrisico’s wel afdekken, maar daar zijn kosten aan verbonden. Lees meer over ons risicomanagement in ons jaarverslag.

           

          Meer informatie
        • Zolang prijzen blijven stijgen, wordt uw geld elk jaar minder waard (inflatie). U kunt immers minder kopen voor hetzelfde bedrag. Dat betekent dat ook uw (opgebouwde) pensioen van GE Pensioen in waarde afneemt.

          Toeslag
          Om dit te voorkomen, krijgen de actieve deelnemers elk jaar een onvoorwaardelijke toeslag. Gepensioneerden en gewezen deelnemers krijgen een voorwaardelijke toeslag. Zij  hebben geen recht op toeslag als de middelen van het fonds niet toereikend zijn. Het is ook op de lange termijn niet zeker of en in welke mate toeslag zal plaatsvinden. Wel wordt bij de vaststelling van de pensioenpremie rekening gehouden met de toeslag van de pensioenen van gepensioneerden en gewezen deelnemers.

           

          Meer informatie
        • Het kan gebeuren dat wij - ondanks alle voorzorgen - toch geld tekort komt om op de lange termijn alle pensioenen te kunnen uitbetalen. Dan moet er iets gebeuren. Wij hebben de taak zo zorgvuldig mogelijk af te wegen wat de beste oplossing is: de premie verhogen, niet indexeren of de pensioenopbouw verlagen.

          Wij kunnen ook kiezen voor een combinatie van maatregelen of nog andere keuzes maken. In het uiterste geval kunnen wij besluiten uw opgebouwde pensioen te verlagen. Hierover besluit het fondsbestuur, onder andere op basis van de beleidsdekkingsgraadTot nu toe hebben wij de pensioenen nog niet hoeven te verlagen.

          Bij GE Pensioen is de kans klein dat uw pensioen wordt verlaagd. Als het financieel minder goed gaat met het pensioenfonds, is GE verplicht extra geld aan het pensioenfonds te betalen. Een verlaging van uw pensioen kan dan ook alleen aan de orde zijn als het voortbestaan van de werkgever in het geding is en hij daarom deze financiële verplichting niet kan nakomen. 

           

          Meer informatie
        • GE Pensioen maakt kosten om de pensioenregeling uit te voeren. Denk bijvoorbeeld aan kosten voor de administratie en de uitbetaling van de pensioenen.

          Ook maken wij kosten voor de communicatie, zoals brieven, het Uniform Pensioenoverzicht (UPO) en de website. Het beheren en beleggen van de premie kost ook geld. Wij betalen bijvoorbeeld voor de aan- en verkoop van aandelen.

           

          Meer informatie
        • Wilt u weten hoeveel pensioen u in totaal heeft opgebouwd? Kijk dan op www.mijnpensioenoverzicht.nl.

          Meer informatie
        • Heeft u vragen of wilt u gebruikmaken van een keuzemogelijkheid?

          Neem dan contact op met onze Pensioendesk, telefoon (050) 582 79 60. Of stuur een e-mail naar gepensioen@tkppensioen.nl.

           

          Meer informatie
        • Als u ergens anders al pensioen heeft opgebouwd, kunt u dat meenemen naar ons. Dat heet waardeoverdracht. 

          Waardeoverdracht heeft een praktisch voordeel, want zo houdt u uw pensioen bij elkaar. Het moet echter wel de moeite waard zijn. Dat hangt onder andere af van de verschillen tussen de pensioenregelingen.

          Zelf aanvragen

          U kunt bij ons vrijblijvend een offerte voor waardeoverdracht aanvragen. Gebruik hiervoor het formulier Aanvraag waardeoverdracht. Pas als u akkoord gaat met onze offerte, zetten wij de waardeoverdracht in gang. Houdt u er wel rekening mee dat het totale traject soms langer dan een jaar kan duren.

          Nieuwe baan?

          Krijgt u een nieuwe baan? Dan kunt u uw opgebouwde pensioen meenemen naar uw nieuwe pensioenfonds of -verzekeraar. Dit moet u daar zelf aanvragen. Gaat u uit dienst en draagt u uw pensioen niet over aan een ander pensioenfonds, dan blijft uw pensioen bij ons staan.

          Beleidsdekkingsgraad

          Voor waardeoverdracht is de financiële situatie van het pensioenfonds belangrijk. Wij mogen namelijk alleen meewerken aan waardeoverdracht als onze beleidsdekkingsgraad hoger is dan 100%. Ook de beleidsdekkingsgraad van het andere pensioenfonds moet ten minste 100% zijn.

          Is dat niet zo? Dan kunt u wel waardeoverdracht aanvragen, we zetten het alleen nog niet in gang. Uw opgebouwde pensioen blijft in dat geval bij uw oude pensioenfonds tot de beleidsdekkingsgraad goed genoeg is. U krijgt dan uiteraard bericht.

          Meer informatie?

          Heeft u vragen over waardeoverdracht, lees dan de brochure Waardeoverdracht bij indiensttreding. Deze vindt u op de pagina 'Reglementen en documenten'. Of neem contact op met onze Pensioendesk

           

          Meer informatie
        • Als u voor meer dan 35% arbeidsongeschikt wordt, heeft u recht op een WIA-arbeidsongeschiktheidsuitkering van UWV. Krijgt u deze uitkering? En is deze uitkering ingegaan toen u al pensioen bij ons opbouwde? Dan nemen wij de opbouw van uw ouderdomspensioen over. Ook het nabestaandenpensioen blijft verzekerd. U betaalt dan zelf geen premie.

          Uw mate van arbeidsongeschiktheid

          De mate waarin wij uw pensioenopbouw voortzetten is afhankelijk van uw mate van arbeidsongeschiktheid.

          Arbeidsongeschiktheidspercentage
          volgens de WIA
          Mate van voortzetting
          pensioenopbouw
          35% tot 45% 40%
          45% tot 55% 50%
          55% tot 65% 60%
          65% tot 80% 72,5%
          80% tot 100% 100%


          • Wij zetten uw pensioenopbouw voort zolang uw WIA-uitkering duurt, uiterlijk tot aan uw AOW-leeftijd. Daarna krijgt u een AOW-uitkering en ouderdomspensioen.
          • Als uw mate van arbeidsongeschiktheid daalt of stijgt, passen wij het voortzettingsdeel naar verhouding aan.
          • Bent u gedeeltelijk arbeidsongeschikt en blijft u voor het deel dat u nog kunt werken in dienst? Dan bouwt  u over dat dienstverband ook pensioen op. Voor dat deel betaalt u wel zelf premie.
          • Gaat u uit dienst? Dan blijft u nog pensioen bij ons opbouwen zolang u een WIA-uitkering heeft. Hoeveel u opbouwt, hangt af van uw mate van arbeidsongeschiktheid.


          Aanvullend arbeidsongeschiktheidspensioen

          Verdient u meer dan € 56.610,90 bruto per jaar? Dan krijgt u ook een aanvullend arbeidsongeschiktheidspensioen. Dit noemen we het WIA-excedentpensioen. Bent u volledig arbeidsongeschikt, dan krijgt u 70% arbeidsongeschiktheidspensioen over het salaris dat u verdiende boven het bedrag van het maximum dagloon. Bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid geldt een lager percentage, afhankelijk van uw mate van arbeidsongeschiktheid. Het aanvullende pensioen stopt als u voor meer dan 65% arbeidsgeschikt wordt of als u de AOW-leeftijd bereikt.

          Moet u iets doen?

          Wij krijgen automatisch bericht als u arbeidsongeschikt raakt. U hoeft zelf niets door te geven.

          Meer informatie?

          Heeft u vragen over uw arbeidsongeschiktheidspensioen, neemt u dan contact op met onze Pensioendesk

           

          Meer informatie
          • Gaat u trouwen of gaat u een geregistreerd partnerschap aan? En woont u in Nederland? Dan krijgen wij dit via de gemeente door. U hoeft uw partner dus niet zelf aan te melden. Uw partner krijgt dan automatisch partnerpensioen. Woont u in het buitenland, dan moet u uw partner wel bij ons melden door een kopie van uw huwelijksakte op te sturen.
          • Gaat u samenwonen en wilt u dat uw partner partnerpensioen krijgt? Dan moet u een kopie van uw notariële samenlevingsakte en het uittreksel uit het bevolkingsregister van u en uw partner naar ons opsturen. Dit moet u doen voordat u uit dienst gaat.

          U bent met pensioen 

          U bent met pensioen en krijgt een nieuwe partner. Misschien gaat u samenwonen of trouwen. Verandert er iets voor uw pensioen?

          Uw pensioenuitkering blijft hetzelfde

          Als u na uw pensionering gaat trouwen of samenwonen, verandert er niets voor uw pensioenuitkering. U krijgt maandelijks hetzelfde bedrag op uw rekening gestort. Let op: uw partner krijgt géén recht op partnerpensioen. U hoeft uw partner dus ook niet bij het pensioenfonds aan te melden.

          Uw uitkering voor AOW verandert wel

          Uw AOW-uitkering verandert wel. Lees meer over de AOW op de website van de Sociale Verzekeringsbank www.svb.nl.

           

          Meer informatie
        • Als u uit elkaar gaat, zijn er twee situaties mogelijk:

          1. U gaat scheiden of beëindigt het geregistreerd partnerschap.
          2. U woont niet langer ongehuwd samen.

          1. U gaat scheiden of beëindigt het geregistreerd partnerschap.

          U hoeft uw scheiding of de beëindiging van uw geregistreerd partnerschap niet bij ons te melden. We krijgen dit automatisch door via de gemeente. 

          Ouderdomspensioen

          • Uw ex-partner krijgt de helft van het ouderdomspensioen dat u heeft opgebouwd tijdens uw huwelijk of geregistreerd partnerschap. We noemen dat ‘verevenen’. U kunt ook afspreken dat de één meer krijgt dan de ander.
          • Uw ex-partner krijgt zijn of haar deel van het ouderdomspensioen als u met pensioen gaat. De uitkering stopt als u overlijdt. Als u overlijdt vóór uw pensioendatum, krijgt uw ex-partner geen ouderdomspensioen. Als uw ex-partner eerder dan u overlijdt, komt het hele ouderdomspensioen weer aan u toe.
          • Is uw scheiding officieel ingeschreven in het register van de burgerlijke stand? Dan moet u ons binnen twee jaar laten weten wat u heeft afgesproken over de verdeling van het ouderdomspensioen. Gebruik daarvoor het formulier Verdeling van ouderdomspensioen bij echtscheiding. Wij zorgen er vervolgens voor dat uw ex-partner het afgesproken bedrag rechtstreeks krijgt als u met pensioen gaat. Krijgen wij dit formulier niet? Dan moet u de verrekening zelf regelen.

          Partnerpensioen

          • Uw ex-partner krijgt ook het partnerpensioen dat u heeft opgebouwd vanaf het moment dat u ging deelnemen aan de pensioenregeling tot de datum van de scheiding. We noemen dat het ‘bijzonder partnerpensioen’.
          • Uw ex-partner krijgt het partnerpensioen als u overlijdt. Als uw ex-partner eerder dan u overlijdt, vervalt het partnerpensioen.
          • Gaan u en uw partner tijdens uw deelname aan het pensioenfonds uit elkaar? Dan heeft uw ex-partner na uw overlijden géén recht op partnerpensioen omdat uitruil van ouderdomspensioen in partnerpensioen pas plaatsvindt bij beëindiging van de deelname.
          • Krijgt u na een scheiding een nieuwe partner? Dan heeft uw nieuwe partner ook recht op partnerpensioen als u overlijdt. Maar uw nieuwe partner krijgt niet het volledige partnerpensioen, omdat een deel als bijzonder partnerpensioen naar uw ex-partner gaat. Alleen als uw ex-partner vóór uw pensioendatum overlijdt, krijgt uw eventuele nieuwe partner hier recht op.

          Conversie

          • Uw ex-partner kan zijn of haar deel van uw ouderdomspensioen omzetten in ouderdomspensioen voor zichzelf. Dat geldt ook voor het (bijzonder) partnerpensioen. We noemen dat ‘conversie’. Uw ex-partner is dan niet langer afhankelijk van het moment waarop de uitkering ingaat, namelijk uw pensioenleeftijd en/of het moment waarop u overlijdt.
          • U moet daar wel mee instemmen. Dit legt u vast in huwelijkse voorwaarden of in een schriftelijke overeenkomst (echtscheidingsconvenant). Als u heeft ingestemd, kunt u dit niet meer terugdraaien. Overlijdt uw ex-partner eerder dan u, dan heeft u geen recht meer op dit ouderdoms- en (bijzonder) partnerpensioen. 


          2. U woont niet langer ongehuwd samen.

          • Heeft u een notariële samenlevingsakte waarin uw partner als begunstigde voor het partnerpensioen is aangewezen? En wilt u dat uw ex-partner het (bijzonder) partnerpensioen krijgt als u overlijdt? Dan moet u bij ons melden dat uw relatie is beëindigd. Stuur ons een schriftelijke verklaring waarin de einddatum van de relatie wordt genoemd.
          • Uw partner heeft niet automatisch recht op de helft van het ouderdomspensioen. U kunt wel samen afspreken dat het pensioen wordt verdeeld zoals wij dat bij ex-gehuwden ook doen (zie hierboven). Wilt u dat? Neem dan contact met ons op. 

          Afwijkende afspraken
          Als u afwijkende afspraken wilt maken, neem dan vooraf contact met ons op. Wij kunnen dan beoordelen wat er mogelijk of toegestaan is. 

           

          Bent u gepensioneerd? 

          Was u vóór uw pensioendatum al getrouwd of geregistreerd partner?

          Dan heeft uw partner volgens de wet recht op de helft van het pensioen. U heeft dat tot de scheiding opgebouwd. Dit heet verevening van pensioen. U mag hier samen ook andere afspraken over maken.

          Was u vóór uw pensioendatum nog niet getrouwd of geregistreerd partner?

          Dan heeft dit geen gevolgen voor uw pensioenuitkering.

          Wilt u het pensioen verevenen? Dan moet u binnen 2 jaar na uw scheiding contact opnemen met het pensioenfonds. Maakt u samen andere afspraken? Geef deze dan ook op tijd door aan het pensioenfonds.

          Woonde u samen?

          Dan verandert uw pensioenuitkering niet.

          Woonde u vóór uw pensioendatum al samen?

          Als u overlijdt, heeft uw ex-partner recht op bijzonder partnerpensioen. U kunt hier samen ook andere afspraken over hebben gemaakt.

          Woonde u vóór uw pensioendatum nog niet samen?

          Het partnerpensioen is niet van toepassing als u na uw pensioendatum bent gaan samenwonen. Na uw overlijden heeft uw ex-partner geen recht op (bijzonder) partnerpensioen.

           

          Meer informatie
        • Verhuist u naar of in het buitenland?

          Gaat u naar het buitenland verhuizen? Laat u zich dan bij uw gemeente uitschrijven en geef uw nieuwe adres door. Wij ontvangen uw buitenlandse adres dan automatisch via de Registratie Niet-Ingezetenen (RNI).

          Verhuist u in het buitenland? Geeft dan uw nieuwe adres door aan de RNI.

          Let op!
          Verhuizen naar het buitenland kan gevolgen hebben voor uw AOW.

          Verhuizen binnen Nederland
          Verhuist u binnen of naar Nederland, dan hoeft u niets door te geven. Uw adreswijziging wordt automatisch door de gemeente doorgegeven. U moet uw verhuizing natuurlijk wel bij uw nieuwe gemeente melden.

           

          Meer informatie
        • Als u werkloos wordt, dan stopt uw pensioenopbouw. Als u direct na uw ontslag een WW-uitkering van UWV ontvangt, dan blijft uw partner verzekerd voor pensioen als u overlijdt. Uw partner is verzekerd zolang u een WW-uitkering ontvangt. De hoogte van deze verzekering stelt u vast door te doen alsof u tot de datum van het ontslag het partnerpensioen zou hebben opgebouwd.

          De hoogte van dit bedrag vermindert u met het bedrag aan partnerpensioen dat eventueel door uitruil van ouderdomspensioen is ontstaan. De mogelijkheid om uit te ruilen wordt u op ontslagdatum door het fonds aangeboden.

          Het is belangrijk dat u de gevolgen van uw werkloosheid voor uw ouderdomspensioen en voor het partnerpensioen en wezenpensioen in kaart brengt.

          U hoeft ons niet zelf te informeren over uw werkloosheid. Uw werkgever meldt u bij ons af. Uw pensioenopbouw stopt maar uw pensioen blijft wel bij ons staan. Krijgt u elders weer een nieuwe baan, dan kunt u kiezen voor waardeoverdracht.

          Werkloos en arbeidsongeschikt?
          Wordt u werkloos terwijl u arbeidsongeschikt bent? Dan blijft u (gedeeltelijk) pensioen opbouwen.

           

          Meer informatie

        Meer weten?

        Wilt u meer weten?

        • Bij Publicaties vindt u onze brochures, informatie over waardeoverdracht, nieuwsbrieven en jaarverslagen.
        • Bij Statuten en reglementen vindt u de pensioenreglementen en informatie over de regeling voor vrijwillig individueel pensioensparen.
        • Bij Overige fondsdocumenten vindt u onder andere het crisisplan, het herstelplan en de verklaring beleggingsbeginselen.